Stel je voor dat je op een date aankomt in de verwachting van een diner bij kaarslicht en uiteindelijk naar een documentaire kijkt over hoe je je brede rugspieren opbouwt. Dat was precies wat een jonge Arnold Schwarzenegger in zijn beginjaren als bodybuilder bood, lang vóór Hollywood en de politiek.

Geen restaurants of uitgebreide plannen. Hij nam hen rechtstreeks mee naar zijn huis, serveerde zijn gebruikelijke gerecht—ei met rijst, zonder poespas of improvisatie—en zette een bodybuildingdocumentaire op alsof het de meest romantische film ter wereld was. Voor hem was elke minuut weg van de sportschool of zijn dieet verspilde tijd op weg naar de beste ter wereld worden.

Geen sociaal leven kon concurreren met die obsessie. En terugkijkend was het misschien juist die absurde, ongefilterde discipline die uiteindelijk de legende heeft opgebouwd.

