Michael en Ashton Kutcher werden in 1978 in Iowa geboren, slechts vijf minuten na elkaar.

Maar het leven behandelde hen niet gelijk: Michael werd geboren met cerebrale parese en een ernstige hartaandoening die hem vanaf zijn jeugd bijbleef.

Op 13-jarige leeftijd begon Michaels hart het te begeven. Artsen zeiden dat hij nog enkele weken te leven had als er niet op tijd een transplantatie kwam.

Ashton, nog altijd een tiener, overwoog iets wat maar weinig broers of zussen zouden willen doen: zijn eigen hart afstaan om zijn broer te redden.

Hij verliet zijn zijde in het ziekenhuis niet terwijl het gezin wachtte op een antwoord dat maar niet leek te komen.

Precies op tijd diende zich een donor aan. Michael overleefde het en staat vandaag op het podium als motiverend spreker, waar hij praat over een beperking en het belang van orgaandonatie.

Ashton, inmiddels een Hollywoodster, heeft publiekelijk het schuldgevoel erkend dat hij jarenlang met zich meedroeg omdat hij niet eerder had gesproken over wat zijn broer had doorgemaakt.
