Anna Ayala had trek in makkelijk geld, niet in chili.
Op 22 maart 2005 ging ze zitten bij een Wendy’s in San Jose, Californië, en beweerde ze dat ze een menselijke vinger tussen het vlees en de bonen had gevonden. De keten sloot vestigingen, liep miljoenen aan omzet mis en in het hele land brak paniek uit. Maar de politie vond geen enkele overeenkomst tussen de vinger en een werknemer of leverancier, en toen begon de leugen te ontrafelen.

Haar echtgenoot, Jaime Plascencia, had de vinger bemachtigd bij een collega die hem bij een bedrijfsongeval had verloren. Ayala kookte de vinger en stopte die in haar eigen maaltijd. Beiden pleitten schuldig, en een rechter veroordeelde hen tot negen jaar gevangenisstraf, plus 21.8 miljoen dollar schadevergoeding aan Wendy’s. Ze kwam na vier jaar vrij wegens goed gedrag, op een voorwaarde die als een grap klinkt: ze mag nooit meer een Wendy’s binnenstappen, waar ook ter wereld.


