Niels Högel veroorzaakte noodsituaties die hij vervolgens leek op te lossen. In Oldenburg en Delmenhorst diende hij medicijnen toe die hartproblemen uitlokten en nam hij daarna deel aan reanimaties. Volgens de rechtbank handelde hij uit een verlangen naar erkenning.

Voor elke zaak waren medische dossiers, toxicologisch onderzoek en bewijs van opzettelijk handelen nodig. Na verloop van tijd konden sommige stoffelijke resten worden onderzocht, terwijl andere niet langer beschikbaar waren. Vermoedens waren dus niet hetzelfde als bewezen zaken.

In juni 2019 bevond de rechtbank in Oldenburg hem schuldig aan 85 moorden en sprak hem vrij van 15 andere aanklachten. Hij kreeg levenslang en de rechtbank stelde vast dat er sprake was van een bijzondere ernst van de schuld, wat de mogelijkheid van vervroegde vrijlating beperkt. De veroordeling maakte niet duidelijk welke waarschuwingen in het ziekenhuis niet werden opgevolgd of wanneer ingrijpen mogelijk was geweest.

