Erin Brockovich, de activiste die geschiedenis schreef met de zaak over waterverontreiniging in Californië, opende in april een eenvoudig formulier: vertel me wat je ziet als je in de buurt van een datacenter voor kunstmatige intelligentie woont. De respons overweldigde haar. Ze ontving 8,200 meldingen uit 49 staten, waarbij Texas bovenaan de lijst stond.

De klachten herhalen zich als een verontrustende echo: putten die droogvallen, elektriciteitsrekeningen die zonder verklaring stijgen, een gezoem dat nooit ophoudt, dieren die uit het landschap verdwijnen en buren met symptomen waarvan ze niet wisten hoe ze die moesten benoemen voordat het centrum er kwam.

Aan de andere kant spreken bedrijven over nieuwe banen, belastinggeld dat de stad binnenstroomt en steeds efficiëntere koelsystemen. Het Witte Huis voegt daar zijn eigen argument aan toe: achterop raken bij China is geen optie. Brockovich kiest geen kant. Haar kaart doet maar één ding, en doet dat goed: laten zien waar mensen vragen om deze technologie te laten komen, en waar ze smeken om haar te laten vertrekken.

