Toen ze 5 of 6 jaar oud waren, begonnen veel Chinese meisjes aan een pijnlijk proces dat hun voeten voor altijd zou veranderen, terwijl andere meisjes nog leerden rennen.

Bijna 1.000 jaar lang was het inbinden van voeten een wijdverbreide praktijk in China. De tenen, behalve de grote teen, werden onder de voetzool gevouwen en in steeds strakker aangetrokken stroken stof gewikkeld om de vorm van de voet te veranderen. De zogenoemde “gouden lotussen” of “lotusvoeten”, die slechts 7,5 centimeter lang waren, werden beschouwd als een symbool van schoonheid en elegantie. Voor sommige families kon het bereiken van die grootte de huwelijkskansen van een dochter vergroten.


Foto’s tonen de gevolgen die deze traditie had voor de vrouwen die eraan werden onderworpen: misvormde, gewelfde voeten met tenen die permanent naar binnen waren gevouwen en die in kleine, op maat gemaakte schoenen moesten passen. En hoewel de praktijk in de loop van de 20e eeuw geleidelijk verdween, sloot in 1999 in Harbin de laatst bekende fabriek die schoenen voor ingebonden voeten maakte.
