Vijf dragartiesten uit Cusco kunnen vier tot zes jaar gevangenisstraf krijgen wegens “verzwarende misdrijven tegen de openbare zedelijkheid” na hun deelname aan de Pride March van juli 2025. Volgens advocaat Lucía Santos verliep de mars “vreedzaam, zonder gewelddadige incidenten of administratieve sancties”.

Het begon allemaal de volgende dag, toen een lokaal televisieprogramma beelden van de mars uitzond en daarbij stigmatiserende en transfobe taal gebruikte. Het Openbaar Ministerie opende ambtshalve een onderzoek naar de presentator wegens discriminatie, en de vijf mensen werden als slachtoffers erkend. Maanden later diende dezelfde journaliste strafrechtelijke klachten tegen hen in, op basis van beelden uit haar eigen programma.

Volgens de organisatie Proyecta Igualdad zijn er aanwijzingen voor “criminalisering en mogelijke vergelding”. Een forensisch-antropologisch rapport erkent het artistieke en culturele karakter van drag en stelt vast dat drag op zichzelf niet wellustig is. Bovendien betwist de verdediging de strafverzwaring op grond van de vermeende aanwezigheid van minderjarigen, aangezien de aanklacht geen van hen individueel identificeert.

De termijn voor het onderzoek loopt af op 25 september, en het Openbaar Ministerie zal beslissen of het tot vervolging overgaat. Vandaag vond er een zitting plaats en werd er buiten het gerechtsgebouw een sit-in gehouden, onder de slogan “Voor een rechtvaardigheid die niet discrimineert”.
