De modder had bijna alles opgeslokt in Rasuwa, Nepal.
De overstromingen van augustus 2026 lieten meer dan duizend doden en duizenden vermisten achter, terwijl het Nepalese leger door het puin zocht naar enig teken van leven. Te midden van dat tafereel vond een soldaat een kind dat vastzat, zwak maar ademend.

Hij droeg hem niet zomaar weg. Hij ging naast hem zitten, gaf hem met zijn eigen handen te eten en wachtte tot hij weer op krachten was gekomen voordat hij hem verplaatste. Dat moment, te midden van een land dat zijn doden bij duizenden telde, herinnerde aan iets eenvoudigs: zelfs bij de ergste ramp kan iemand ervoor kiezen om nog één minuut langer te blijven, gewoon om voor een ander te zorgen.
