Sofía was 11 toen haar hart stilviel midden in een feestje met vrienden.

Ze woonde in Tandil, Argentinië, en had het lang-QT-syndroom, een aangeboren hartaandoening. Ze werd overgebracht naar Hospital Italiano, waar ze 23 dagen werd opgenomen. De neurologische schade was onomkeerbaar, hoewel ze nooit hersendood werd. Daar namen haar ouders de moeilijkste beslissing: de invasieve maatregelen niet voort te zetten en haar organen te doneren.

“Het moeilijkste voor ons was het loskoppelen”, zei haar moeder, Eugenia Miramont. Sofía’s nieren en lever gingen naar drie kinderen. Op de Dag van de Donor vond Eugenia in die beslissing een andere manier om met haar verdriet om te gaan: “Het helpt me om van deze pijn te genezen, want weten dat er dankzij je dochter andere levens bestaan, helpt je om te genezen”.