Niemand had hen georganiseerd. Niemand betaalde hen. Maar toen duizenden migranten de grens vanuit Marokko overstaken en zonder onderdak of voedsel op de straten van Ceuta, Spanje, achterbleven, wachtten de inwoners niet op instructies van wie dan ook.

Ze haalden tevoorschijn wat ze thuis hadden. Flessen water, brood, fruit, alles wat ze konden missen. Ze laadden alles in hun eigen auto’s en gingen op zoek naar degenen die buiten sliepen, terwijl het opvangcentrum van de stad overbelast was en de toestroom van zoveel mensen tegelijk niet aankon.

Er waren geen borden of campagnes nodig. Alleen een buur, een tas met voedsel en de beslissing om niet de andere kant op te kijken. Te midden van de chaos was dat het tafereel dat zich straat na straat herhaalde. Gewone mensen die met hun eigen handen overeind hielden wat de instellingen nog niet hadden weten op te vangen.
