Ze was 20. Hij was 3.
Dit is hoe het allemaal begon: een jonge vrouw in haar laatste jaar van haar opleiding en een jongen genaamd Rocky, haar eerste patiënt, die in therapie kwam met een tumor in zijn been en een strijd die vier jaar zou duren. Daar was geen handleiding voor. Er was alleen een stoel, een schetsboek en een band die sessie na sessie werd opgebouwd, te midden van het gelach van een kind en de stiltes van een volwassene die niet wist wat ze moest zeggen.

Rocky overleed op 16 mei 1976, slechts een paar dagen voordat zij haar diploma behaalde. In plaats van dat hoofdstuk af te sluiten en verder te gaan, droeg ze het voor altijd met zich mee: vandaag de dag, inmiddels een therapeute met jarenlange ervaring, bewaart ze een tekening die Rocky haar gaf, vlak naast haar behandelstoel. Iedere patiënt die tegenover haar plaatsneemt, zit, zonder het te weten, naast de eerste die haar leerde hoe ze met tegenspoed moest leven.