Daniel Allen had een witte Mustang Mach 1 uit 1969.

Hij kocht hem kort nadat hij uit Vietnam was teruggekeerd. In die auto nam hij Diana mee op hun eerste afspraakje, en in die auto reed hij naar de veerboot waar hij haar ten huwelijk vroeg. Maar de kinderen kwamen, één voor één, totdat het er zes waren, en Daniel deed wat vaders doen: hij ruilde zijn droomauto in voor iets praktischers, zonder te klagen en zonder er iets voor terug te vragen.

Tientallen jaren later liet Shane, de jongste van de zes, hem tijdens een oldtimerbeurs die vader en zoon elke Vaderdag bezochten een Mustang Mach 1 zien die identiek was aan degene die hij zich herinnerde. Aan de spiegel hing een label met de naam “Daniel”. Zijn vader dacht dat het toeval was, totdat Shane de sleutels in zijn hand legde. Hij had het model opgespoord, zijn eigen auto ervoor ingeruild en de motorkap opnieuw gespoten zodat die bij het origineel paste. Daniel wordt in december 80, en die dag kreeg hij iets terug wat hij 56 jaar eerder zonder aarzelen had opgegeven—voordat zijn zoon het aan hem teruggaf.

