Sprout kon nauwelijks een stap zetten.
Ze werd gevonden midden op een druk kruispunt in Chicago, met meer dan 30 kilo vervilte vacht die aan haar lichaam vastzat. Chicago Animal Care and Control redde haar en bracht haar naar de kliniek One Tail at a Time, waar het veterinaire team haar moest sederen: vier mensen waren meer dan drie uur bezig om haar van die last te bevrijden. Daaronder vonden ze een huidinfectie, maar geen ernstige verwondingen. Ze had dit alles alleen overleefd.


Alli Rooney, van het OTAT-team, deelde hoe Sprouts herstelproces eruitzag in haar pleeggezin, waar ze ontdekten dat ze dol is op kipnuggets, hotdogs en een nieuwe gewoonte heeft: sokken stelen om ermee op de bank te slapen. Vandaag woont ze in een blijvend thuis met Wally, een andere Tibetaanse mastiff die haar broer werd. In slechts zes weken ging Sprout van niet kunnen bewegen naar onafgebroken spelen.


